Werken aan water: Alberto Carracedo (Waterspiegel)
Alberto Carracedo werkt als duinwachter voor Duinwaterbedrijf Zuid Holland: “Al twaalf jaar bewaak ik het welzijn van de duinen waar het water van DZH gefilterd wordt. Ik surveilleer lopend of op de fiets en controleer dan of bezoekers van het natuurgebied de omgeving niet beschadigen door bijvoorbeeld hun honden los te laten lopen of duingras te plukken. Ook let ik op veranderingen in de flora, vervuiling en de hoeveelheid en soorten dieren die ik in het gebied tegenkom., want daaruit valt op te maken of de duinen nog in goede staat verkeren.
”Het was niet mijn jongensdroom om met water te werken. Ik groeide op in Peru en werkte daar als politieagent. Toen ik me in Nederland vestigde zicht ik eigenlijk eenzelfde soort functie. Dit werk sloot vanwege het beveiligingsgedeelte redelijk aan dus besloot ik te solliciteren. Intern volgde ik een cursussen beveiliging en duinbeheer en inmiddels ben ik zelfs BOA, buitengewoon opsporingsambtenaar. Ik houd van contact met de natuur, en dus besloot ik op het moment dat ik werd aangenomen bij een Nederlands politiecorps, dat ik toch liever als duinwachter werk. Zoveel mensen nemen vrij om in deze mooie omgeving te wandelen en ik kan mag er gewoon de kost mee verdienen!
“Waterwinning is het voornaamste doel van DZH, maar het beheer van de duinen tussen Monster en Katwijk neemt daarbij een belangrijke plaats in. Water vanuit de afgedamde Maas wordt in deze duinen in zogenoemde infiltratieplassen gepompt en na gemiddeld twee maanden weer opgepompt. Door de duinpassage worden bacteriën en virussen op een natuurlijke manier onschadelijk gemaakt. Maar dat is niet de enige reden om de natuur te beschermen. Het gebied rond Meijendel en Berkheide maakt vanwege de verscheidenheid aan habitattypen deel uit van Natura 2000, een project van de Europese Unie om de achteruitgang van biodiversiteit te stoppen.
“Door de zure regen groeien de planten in het duingebied extra snel. Soms maai ik maar we hebben ook runderen en paarden grazen zodat de boel niet dichtgroeit, dan zakt het water namelijk niet meer naar beneden. Konijnen doen zich ook tegoed aan gras maar de populatie is al een paar jaar erg klein door epidemieën van de ziektes VHS en myxomatose. Volgens mij gaat het nu beter. Eerst zag ik vooral blinde konijnen, een gevolg van myxomatose maar de laatste tijd signaleer ik meer gezonde beestjes. Ik let niet alleen op ziektes bij konijnen maar ook op botulisme, of op de vogelgriep. Pas moesten alle dode vogels naar het ministerie gestuurd worden. Gelukkig bleek geen van allen besmet met het vogelgriepvirus.
“Het is niet zo dat ik alleen ziektes in de gaten houd, ook andere bijzonderheden noteer ik. Laatst zag ik bijvoorbeeld een waterspreeuw terwijl die vogel nauwelijks in Nederland gesignaleerd wordt. Eigenlijk ben ik een boswachter, maar dan in de duinen. Deze baan past bij mij, ik vind het heerlijk om zoveel in de natuur te zijn. Er is maar één minpuntje, maar dat ligt aan Nederland: in de winter is het hier zó koud vergeleken met Peru! Collega’s plagen me ermee, maar op dat soort dagen maak ik mijn ronde alleen met vier truien aan.”