Fufu en voetbal: werken in Ghana
Ghanezen eten maar één ding: fufu (deegbal) met soep. En dat als middageten en als avondmaaltijd. En de fortuinlijke Ghanezen houden zelfs iets over zodat ze de volgende ochtend heerlijk met fufu kunnen ontbijten. Soms slaan de Ghanezen hun fufu-maaltijd over en scoren ze een hapje bij de straatverkoopsters. De mannen noemen deze dames met een tobbe vol zooi op hun hoofd “pettytraders”. De trotsere vrouwen verklaren dat ze “businesswomen” zijn. Ze struinen rond op drukke kruispunten en het koopwaar op hun hoofd verschijnt dan voor de raampjes van bussen en trotro’s: “Wie wil water? Maïs? Sinaasappels? Een gekookt eitje?” Daar houdt de diversiteit qua Ghanese maaltijden op.
Gelukkig voor de Ghanezen die afwisseling willen zijn er ook nog grillkraampjes langs de weg. Maar de verkopers houden er een vreemd soort logica op na: Wil je warme banaan? Dan krijg je geen wisselgeld terug maar pinda’s erbij. Wie een gegrilde maïskolf koopt krijgt stukjes kokos.
Rijstkraampjes bestaan ook - maar wie enkel rijst bestelt krijgt toch een halve kip of hele vis mee in de reisverpakking. Ik heb speciaal mijn Twi geoefend en roep nu hard: “dabie Nsuonam!” (Nee, vis! Mijn grammatica is nog niet optimaal…) Daarna schreeuw ik dabie Nkokonam! (Geen kip!)
Ze vinden me maar een rare blanke. “Obruni… Wat ga je dan met al die rijst en groenten doen?”
Thuis pak ik mijn bakje uit. Plastic lepeltje, servetje, en zelfs een elastiekje om mijn doosje voedsel. Ladingen kool, worteltjes, boontjes door mijn portie rijst. En eroverheen? Een flinke scheut shito - ik kan de Ghanese dames best wijsmaken da ik geen vissenkop op mijn rijst wil. Maar vissaus, dat is toch iets compleet anders?
Een week later ging ik terug naar de betreffende Chopbar en vertelde ik de vrouwen nadrukkelijk: “dabie Nsuonam! En dabie Shito!” “Oooooohhhh… ook geen vissaus!” Nu begrepen de vrouwen het. Dus openden ze een blikje makreel en roerden dat door mijn eten heen.
Je beleeft wat als je allergisch bent voor vis en toch bij de locals in de “chopbarretjes” je maag poogt te vullen/ Maar ook bij de duurdere restaurants blijkt vis- en kiploos eten een hele opgave.
Arnold bestelde kip tikka masala met rijst en ik wilde beef stroganoff met frietjes. We lazen onze krantjes terwijl de airco loeide en het personeel ons eten bereidde - we aten in Aseda House, bij het restaurant van één van Ghana’s rijkste zakenmannen. En daar kwam ons eten: ik kreeg koe met rijst en Arnold Indiaas eten met frietjes. Voorzichtig vertelden we de obers dat Arnold liever rijst bij zijn Indiase hap wilde en dat ik me op mijn aardappeltjes had verheugd… De ober keek ons kwaad aan, nam de borden mee naar de keuken en verwisselde vervolgens gauw de ingrediënten waardoor mijn frietjes in de kipsaus lagen en ik twee minuten later kotsend boven de luxe wc van Aseda House hing. (Voor de lezers die hiervan nog niet op de hoogte waren - ik ben allergisch voor kip en vis, wat dus de reden is dat ik die beesten niet naar binnen werk…)
Op voetbalgebied tref ik het gelukkig beter: een wedstrijd bekijken is hier levensgevaarlijk: fans gooien flessen en zakken water het veld op als hun team niet zo goed speelt als zij wel zouden willen. De CEO (Club Executive Officer) van Eleven Wise is een indrukwekkende man - maar zijn team verloor en dus renden supporters na de wedstrijd de kleedkamers in om de Libanees een paar harde meppen te verkopen. Het uitspelende team had overigens geen eigen kleedkamer want Eleven Wise had de sleutel daarvan ingepikt zodat de voetballers van Kotoko zich in het hok van de Ghanese voetbalbond moesten omkleden. Die voetbalbond is officieel onpartijdig, maar na een wedstrijd geldt dat volgens de supporters niet voor de scheidsrechter - die wordt dus onder begeleiding van tientallen agenten het veld af geleid,
Maar ja, ik ben een vrouw en vrouwen zijn dom. Maar blanken zijn machtig. En dus heb ik als blanke vrouw met grote camera om mijn nek het grote voorrecht dat ik voetbalvelden op mag om tijdens wedstrijden foto’s te maken terwijl niemand anders zich in de buurt van de pitch mag begeven. Voetballers van Ghana’s grootste teams Kotoko en Hearts stoppen me hun telefoonnummers toe in de hoop dat ik ze na de wedstrijd bel. Hearts-fans blijken minder vrolijk: ”Jou ga ik straks stenigen” schreeuwt hij als hij mijn fototoestel ziet. We maken ons maar voor het fluitsignaal dat het einde van de match aangeeft uit de voeten.
Daarbij misten we helaas een hoogtepunt, want in de krant van Hearts of Oak stond vandaag dat de coach van Hearts‘ tegenstander Ashgold boos werd en daarom zijn woede koelde door een leeg waterflesje dat aan de zijlijn lag weg te schoppen. Helaas verloor de beste man daarbij zijn schoen. Die schoen belandde op het speelveld en zodoende moest de wedstrijd worden stilgelegd.
Langzaam krijgen Arnold en ik door dat sommige zaken hier op z’n Ghanees geregeld moeten worden. Daarom vertrekken we morgen al naar de hoofdstad. Op 6 juni vindt namelijk Ghana’s allergrootste wedstrijd plaats in Accra’s Ohene Djan Stadion: koploper Hearts of Oak speelt tegen Kumasi’s Asante Kotoko.
We trekken er een week voor uit om het hoofdkantoor van de Ghanese voetbalbond te belagen in de hoop dat we die zaterdag opnieuw met de grote camera het veld op mogen om getuige te zijn van deze spectaculaire derby.
volgens mij heb jij niet goed research gedaan over ghanese eten… erg jammer