Welcome white woman! (Yes)
De meeste mensen in Kameroen zijn donker, net als in Ghana. Ze hebben dezelfde zwarte kroesharen als de Ghanezen. Of dezelfde vlechtjes. Ja, Kameroen ligt ook in Afrika. Ze eten er ook fufu en de inwoners roepen me hier ook na zodra ik buiten ben. Alleen schreeuwen ze hier geen ‘Obruni’ maar ‘White man! White man!’ Of, als het mijn geluksdag is, ‘white man woman’.
Als Arnold en ik neerploffen in de bus naar ons nieuwe onderkomen in Bamenda gaat een gerimpeld vrouwtje glunderend naast ons zitten. Acht uur lang zitten we tegen elkaar aangeperst. Wij met onze rugzakken op schoot. Zij met een grote tas vol wortels, avocado’s en ananassen. Na zes uur van glimlachjes in onze richting verklaart ze trots: “Ik heb een broer daar…”
Ik: “Waar?”
Zij: “In jouw land.”
Ik: “…”
Zij: “Mijn broer heeft een vrouw in Amerika.”
Ik: “Ik kom uit Nederland. Amerika is verder van mijn huis dan Kameroen.”
Zij: “Het is toch allemaal hetzelfde.”
Ik ben weer in Afrika… waar ik over één kam word geschoren met de 18-jarige vrijwilliger die vijf dagen in hetzelfde hemd zweet, maar ook met de zakenvrouw met glinsterende gouden ringen in haar oren. Zij zijn ook allebei wit.
In Afrika denken ze dat Amsterdam onderdeel bij Duitsland hoort en dat alle blanken rijk zijn. En eigenlijk zijn we dat ook, want we eten zeker twee keer per dag. We slapen op een matras en we hebben stromend water in onze huizen.
In Afrika weten ze dat er in Nederland heel veel koeien wonen. Zelfs binnen, in speciale koeienhuizen. Wie naar ons land toekomt krijgt een handleiding mee, want blanken doen vreemde dingen: ze praten tijdens het eten en ze bieden je ’s ochtends iets te drinken aan maar dan hoor je niet om bier te vragen. Je hoort ook geen hete peper op je lunch te smeren.
Kameroeners die naar Europa reizen leren ook dat ze niet de tandenborstel van hun gastheer mogen gebruiken. Dat ze niet verplicht zijn om alle aangeboden koekjes op te eten. En dat wij zelfs gehandicapten leren “hoe ze bezig moeten zijn”.
In Nederland doen we of alle Afrikanen hetzelfde zijn. Omdat ik geen Amerikaan en ook geen Duitser ben, schrijf ik, namens de mensen hier, waarom Kameroen geen Ghana is.
Peter: “Ghana is een democratie. De president van Kameroen doet alsof ons land een democratie is. Hoewel we niet op hem stemmen, wint hij al bijna dertig jaar de verkiezingen.”
Ibrahim: “Hier spreken de meeste mensen Frans in plaats van Engels.”
Delphine: “Dankzij de Fransen ontbijten wij met stokbrood.”
Ernest: “Vis en fufu uit Kameroen smaken veel lekkerder.”
Grateful: “Wij koken niet met garnalenpoeder maar met maggiblokjes.”
Man in pak met regenboogsjaal: “Ghanezen dragen of nette bloesjes of traditionele gewaden. Onze look is sportiever.”
Georgette: “Ghanezen zijn altijd serieus. In Kameroen zijn de mensen vrolijk…”
Samuel: “…maar ze zitten hier ook al vanaf negen uur ’s ochtends aan het bier. Of aan de palmwijn…”
Devine: “Kameroen is rijker dan Ghana. Maar de wegen en de ziekenhuizen zijn slechter.”
Cleopas: “Er komen ook nauwelijks toeristen naar ons land…”
Voetballer Batambuh: “Maar wij spelen tegen Nederland op het WK. Ghana zit in de poule met Duitsland.”
Dronken man in kroeg: “White man! Welcome to Bamenda!”
Onze nieuwe woonplaats ligt 1300 kilometer van Kumasi in Ghana. Ongeveer even ver als de afstand tussen Utrecht en Boedapest. Ik bedoel maar…
Gepubliceerd in Yes 10, maart 2010.