Vriendschap? (Yes)
Wij delen ons huis met een Kameroener. Officieel boent Charles vloeren en bewaakt hij de poort, maar tegenwoordig kookt hij ook. In ruil eet hij mee en gieten we hem vol Guinness. ’s Avonds kijken we samen tv. Feestje? Dan kochten we ook een kaartje voor Charles. Als je een huis deelt kun je beter vrienden zijn, toch?
Op een dag had Charles geen zin meer om te koken. Hij was ziek, zei hij. Dus kookte ik. Charles at de pan leeg. Hij hing voor de tv en keek Nigeriaanse soaps. Na een maand lag hij nog steeds languit op onze enige bank. Arnold mopperde: “Charles, wij passen er niet meer naast. We kunnen niet werken als de tv zo hard staat. Waarom is al het eten in huis weg?” Charles ging breder liggen en wenste ons vanaf dat moment geen goedemorgen meer.
Gelukkig heeft Arnold een echte vriend in hoofdstad Yaoundé. Met Falloh deelde hij zes jaar geleden een kamer en het tweepersoonsbed. Jullie zijn een beetje dom, vertelt Falloh ons. In Kameroen moet de hiërarchie duidelijk zijn. Geef je een bediende één vinger, dan neemt hij je hele hand en je huis. Boos doen helpt niet - als Charles gezichtsverlies leidt, zal hij volgens Falloh alle problemen ontkennen. En waren wij niet degenen die Charles op de bank uitnodigden en de tv aanzetten?
Terug in Bamenda begroeten we onze huisgenoot met een grote glimlach. Nog maar een paar weken samen. Daar maken we het beste van!
Charles doet mee. Hij smult van mijn maaltijden en staat op onze laatste dag in het huis zowaar zelf weer achter de potten en pannen. Hij kookt een feestmaal: chili con carne. Met zelfgekweekte bonen en ananas. De volgende ochtend zwaait ons uit Charles ons uit.
Hij mailt al gauw: Lieve Sanne, jouw vriendelijkheid bewaar ik eeuwig in mijn hart. Ik zal je nooit vergeten, want jij hebt het talent om anderen blij te maken. Ging jullie reis goed? Eindeloos bedankt.
Wij zijn weer bij Falloh. Die kijkt trots als hij over Charles lieve mail hoort. Wij stoten ons graag twee keer aan dezelfde steen. Daarom trakteren we onze vriend op feesteten. Het is onze laatste week in Kameroen. En Falloh heeft één verzoekje: komen we alsjeblieft nog kijken hoe hij voetbaltraint?
Zo’n verzoek van een vriend, tijdens ons laatste gedeelde avondmaal, kunnen we niet weigeren…Dus kijken we de volgende ochtend hoe ons maatje over het rode zand holt. Na drie uur introduceert Falloh Arnold aan zijn teamgenoten. “Mijn beste vriend uit Holland”, zegt hij. En tegen Arnold: “Als je al mijn teamgenoten - dertig ongeveer - nou vijf Euro geeft, dan zullen ze je nooit vergeten.” Als Arnold niet direct zijn centen grijpt, schrikt hij: “Ik heb het ze al beloofd! Maar wellicht komt het goed als je twintig Nike-ballen stuurt…”
Ik ontvang een nieuw mailtje van Charles. Mijn lieve Sanne, ik heb geld nodig om mijn huis te bouwen. Daarom kan ik er nog lang niet wonen, tenzij jij me helpt. Alsjeblieft, dan ben ik je ontzettend dankbaar. En ik wens je een mooie dag toe. Jouw Charles
Mijn portemonnee vindt het jammer dat we bijna teruggaan naar Nederland. Hij heeft in deze vier maanden in Kameroen meer vrienden gemaakt dan ik in mijn hele leven.